Een vrij kleine botter uit de negentiende of twintigste eeuw, Zeewolde
Tussen de Schollevaarweg en de Hoge Vaart, nabij het Trekkersveld is tijdens het greppeltrekken op kavel MZ 41 in 1973 een scheepswrak aangetroffen. In hetzelfde jaar is er een verkennend onderzoek uitgevoerd. In 1979 is een herverkenning uitgevoerd waarbij het schip volledig is gedocumenteerd.
Het vaartuig is een vrij klein type vissersschip (botter). Het schip is 11,6 bij 3,5 m groot en is onder zware slagzij over bakboord in de bodem afgezonken. De huidplanken zijn met twee tot drie houten pennen aan de inhouten bevestigd. De pennen zijn aan de buitenkant voorzien van deutels.
Het schip is zwaar beschadigd. De stuurboordzijde was geheel afwezig, de voorsteven was geheel verdwenen evenals het bovenste deel van de achtersteven en het voordek. Als gevolg van het trekken van een drainsleuf miste een strook in het achterschip. De bakboordzijde was daarentegen vrij compleet. In het midden van het schip is een bun aangetroffen. De bun reikte van zijde tot zijde en was 3,65 m lang. De datering van het schip is vrij recent, circa eind negentiende of begin twintigste eeuw.
In het wrak zijn onder andere een mes, een ijzeren beslag, pokhouten schijven en een gietijzeren plaat met houten omlijsting aangetroffen.


MZ 41  Wnr: 55218

In het midden van het schip waren de vuurplaat en vuurkist nog aanwezig.

Een selectie uit de ruim vierhonderd vindplaatsen van schepen die ooit de Zuiderzee bevoeren,
teruggevonden bij de ontginning van Flevoland.
colofon | disclaimer