Een vissersschip (waterschip), vergaan rond 1600, Lelystad
Om dit schip, dat op kavel F 12 ten zuidoosten van de Meerkoetenweg nabij het natuurpark Lelystad lag, nader te onderzoeken zijn er bij de verkenning drie proefsleuven gegraven. De proefsleuven werden aangelegd ter hoogte van het voorschip, het middenschip en het achterschip. Hieruit werd opgemaakt dat het om een waterschip ging van meer dan 20 m lang, met een breedte van 6,6 m en voorzien van een bun. In het voor- en achterschip lagen ballaststenen. Deze dienden om het schip uit te trimmen en de bun met trog voldoende gevuld te houden met water. Verder werd een aantal plavuizen gevonden, die tot de stookplaats van het schip behoren. In deze periode werd aan boord van schepen voedsel bereid op een open vuur. Het vuur werd gestookt op een zogenaamde vuurkist, een kist gevuld met zand, waarop plavuizen lagen.
Op grond van het type plavuizen kan worden vastgesteld dat het schip rond 1600 moet zijn vergaan.
Het schip is beschermd door het in te kuilen.

OF 12  Wnr.: 55165 / Mnr.: 12470

Verkenning van het scheepswrak op kavel F 12. De bakboordkant van de middelste proefsleuf ter hoogte van de bun en trog. Bovenaan is de trog te zien, linksboven de bovenkant van één van de bunschotten.

Een selectie uit de ruim vierhonderd vindplaatsen van schepen die ooit de Zuiderzee bevoeren,
teruggevonden bij de ontginning van Flevoland.
colofon | disclaimer