Een overnaads gebouwd waterschip uit de zestiende eeuw, Noordoostpolder
Dit schip is gevonden op kavel NP33 nabij de Redeweg in de Noordoostpolder. In 1947 is het wrak verkend en in 1950 werd het opgegraven. Het scheepswrak is een overnaads gebouwd vissersschip van het type waterschip. Waterschepen waren de grootste en belangrijkste vissersschepen van de Zuiderzee gedurende de 16de en 17de eeuw. Ze zijn voorzien van een bun gevuld met water, waar de gevangen vis levend in vervoerd kan worden. De vroegste types waterschepen werden overnaads gebouwd, maar vanaf het tweede kwart van de zestiende eeuw werden deze schepen karveel gebouwd, dat wil zeggen gladboordig.
De bouw van het schip dateert rond het midden van de 16de eeuw. Uit de verstoring van het bodemprofiel is gebleken dat het schip voor 1600 is vergaan. Het waterschip op kavel NP40 is overnaads gebouwd op een kielplank. Zoals vermeld werden waterschepen vanaf het tweede kwart van de 16de eeuw over het algemeen karveel gebouwd. Dit schip is waarschijnlijk een van de laatste overnaadse waterschepen geweest.
Een opvallend aspect is het feit dat de gaten in de huid van dit waterschip - die ter plaatse van de bun waren aangebracht zodat zeewater in en uit de bun kon stromen - waren dichtgemaakt. Hierdoor was de bun dus niet gevuld met water en was het niet mogelijk om levende vis te vervoeren. En dicht gemaakte bun wordt vaak geassocieerd met een functie die waterschepen in de 18de eeuw vervulden, namelijk die van sleepschip. Het waterschip op kavel NP40 dateert echter uit de 16de eeuw toen waterschepen vooral de functie van vissersschip hadden.


NP40  47383

Overzichtsfoto.

Een selectie uit de ruim vierhonderd vindplaatsen van schepen die ooit de Zuiderzee bevoeren,
teruggevonden bij de ontginning van Flevoland.
colofon | disclaimer